Rondom de zandrug van Steenwijk lagen grote, woeste, moerassige gebieden. Om deze lager gelegen stukken land geschikt te maken voor landbouw, werden er sloten en grachten gegraven om het water af te voeren. De afgegraven grond bleek in gedroogde vorm (turf) uitstekend te kunnen fungeren als brandstof en zo was de veenwinning geboren. En zo zijn ook Giethoorn en de Weerribben ontstaan.
Steenwijk heeft een 14e eeuwse stadskern.
geschiedenis
Voor het eerst genoemd in 1141. In 1255 kreeg het aanvankelijke esdorp stadsrecht van de bisschop van Utrecht.
In deze oude vestingstad herinnert nog veel aan de Tachtigjarige Oorlog. De vestingwallen ( 8 bolwerken) zijn er een goed voorbeeld van. De stad werd diverse malen belegerd.Sonoy (geuzenaanvoerder) probeerde de stad te ontzetten.
monumenten
- woonhuizen uit 16e 17e eeuw, vooral op de Markt, Oosterstraat, Scholestraat en Gasthuisstraat ( met 18e eeuws poortje)
- Swindermanpoortje 17 e eeuw, scholestraat 10 mooie gevelsteen
- Kantongerecht -van 1919 tot 1992, dateert van voor 1564, Markt 72
- Gebouwen met Art Nouveau details op de Markt ( b.v. VVV-gebouw in de stallen van Spijkervet)
Door de hele stad vind je meer artnouveau panden - Bekendste Artnouveaumonument is de villa Rams Woerthe voormailg gemeentehuis, nu museumhuis
- St. Clemenskerk aan de Kerkstraat , waarschijnlijk niet te bezichtigen
- Kleine Olv Vrouwe kerk, Vrouwenstraat 5, 13 eeuws oorspr. Huidige vorm: 15 eeuws gotiek.
open voor exposties van donderdag tm zat 13.00 tot 16 uur - Doopsgezinde kerk, Onnastraat. rijksmonument 19 e eeuw
- Waaggebouw
- Monumentaal pakhuis
- Vestingwerken
Natuurgebieden-wandelingen enz
- NS-wandeling Woldberg Stuwallengebied met zwerfkeien
Rams Woethe
museumhuis en Artnouveau villa met park in Engelse landschapstijl.
ArtNouveau
Tegen het eind van de 19de eeuw ontstond er een nieuwe stroming in de bouwkunst. In Frankrijk sprak men van art nouveau en in duitsland van Jugendstil. In Nederland ook wel van Nieuwe kunst. Rams Woerthe in is er een goed voorbeeld van.
archeologie: Steenwijk: houten schijfwiel, nieuwe steentijd

vuurstenen dolk uit vroege bronstijd, herkomst NDuitsland/Denemakrken
Steenwijk met de monumentale laat-gotische hallenkerk, die ook van ; -«bessant is.
Steenwijk
plaats en voormalige gemeente in Steenwijkerland, Nederland
Steenwijk (Nedersaksisch: Steenwiek of Stienwiek) is een stad in de Nederlandse provincie Overijssel. Het is met 17.495[1] inwoners de grootste plaats in de gemeente Steenwijkerland en de grootste plaats in de Kop van Overijssel.
Op 1 januari 2001 werden de gemeenten Steenwijk, Brederwiede en IJsselham samengevoegd tot de gemeente Steenwijk. De inwoners van Brederwiede en IJsselham waren het niet eens met deze 'nieuwe' naam, omdat het leek alsof deze gemeenten door Steenwijk waren geannexeerd.
Ze gaven aan een naam als "Kop van Overijssel" of "Steenwijkerland" beter te vinden. Op 1 januari 2003 is de naam van de gemeente dan ook veranderd in Steenwijkerland. Tot die gemeente behoren tevens de plaatsen Blokzijl, Vollenhove, de dorpen Kuinre en Giethoorn en nog enkele kleinere dorpen en buurtschappen.
Recente gebiedsontwikkelingen bij Steenwijk zijn Tuk-Noord, Kornputkwartier en Eeserwold.
Van oorsprong is Steenwijk een oude vestingstad. De grachten en stadswallen stammen uit de tijd van de Tachtigjarige Oorlog, toen Steenwijk een strategische plaats was in de strijd tussen de
Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en Spanje.
Over het vroegste verleden van Steenwijk is weinig bekend. In de stad zelf zijn uit de eerste eeuwen van haar bestaan geen geschreven bronnen bewaard. Zij zijn waarschijnlijk verloren gegaan bij een stadsbrand, die in 1523 door plunderende Gelderse troepen onder leiding van Maarten van Rossum. Over de geschiedenis van Steenwijk als vestingstad heeft Alex Krijger in 1996 het boek ‘Steenwijk als militaire stad’ geschreven.
Steenwijk is vanouds het centrum van de wijde regio, een gebied dat nu verdeeld is over de provincies Overijssel, Friesland en Drenthe. Het Friese deel van dat gebied werd in 1309 voor het eerst genoemd als Stellingwerf. De kerk van Steenwijk is de moederkerk van dat grote gebied.
Dochterkerken zijn onder meer Oldeholtpade en Meppel. De oudste vermelding van Steenwijk komt voor in een akte van 13 maart 1141, waarbij de Utrechtse bisschop Hartbert de kerk van Steenwijk aan de Benedictijner abdij te Ruinen schonk. Vermoedelijk op 29 februari 1296 werd de parochiekerk van Steenwijk verheven tot de kapittelkerk van St. Clemens en werd het dorp Steenwijk verheven tot de stad Steenwijk. Voor de middeleeuwse geschiedenis van Steenwijk is een cartularium van het kapittel van St. Clemens, aangelegd rond 1500, van belang.
De Tachtigjarige Oorlog (1568 - 1648) maakte dat Steenwijk veelvuldig in beeld kwam in de vaderlandse geschiedenis. In 1568 wist het stadsbestuur de inkwartiering van Spaanse troepen
Geschiedenis
door Alva nog af te kopen met 112 goudgulden, maar in 1572 namen de spanningen weer toe. Ditmaal was
het Willem IV van den Bergh die Steenwijk voor Willem
van Oranje veroverde. Deze staatse bezetting duurde echter slechts een paar maanden. De herovering van Zutphen door het Spaanse leger deed zulke gruwelijke berichten vooruitsnellen dat het Staatse leger al snel de stad verliet en Steenwijk weer koningsgezind werd.
Tot maart 1577 zorgde een contingent militairen uit Wallonië voor handhaving van het Spaanse gezag. De Staten van Overijssel wisten echter door betaling van achterstallige soldij deze bezettingsmacht weg te krijgen en kozen in maart 1580 de zijde van de Opstandelingen als reactie op het overlopen van de
graaf van Rennenberg.
De Overijsselse Staten hadden gezorgd voor de aanwezigheid van een compagnie soldaten onder leiding van kapitein Olthof. In oktober kwam nog een 2e compagnie onder leiding van Johan van den Kornput in Steenwijk aan. Daags daarna begon de Spaansgezinde George de Lalaing, graaf van Rennenberg, met een leger van ruim 7.000 man zijn
Beleg van Steenwijk (1580-1581). De beschietingen
van november in dat jaar vernietigde een 70-tal woningen en vormden een ware beproeving voor de inwoners van de stad en de kleine verdedigingsmacht van slechts 600 soldaten. Het duurde tot december voordat er hulp kwam van het Staatse leger onder leiding van de Engelse overste John Norritz. Op 23 februari 1581 gaf graaf Rennenberg, inmiddels zelf zwaar ziek geworden, zijn beleg op en werd Steenwijk ontzet. Dat Steenwijk stand hield gedurende het vier maanden durende beleg was te danken aan het krachtdadige optreden van hopman Johan van den Kornput. De graaf van Rennenberg stierf enkele maanden later en werd begraven in de Martinikerk te Groningen. De uitgeputte Steenwijkers hadden overigens weinig weerstand meer en kregen in 1581
Steenwijk
Plaats in Nederland
Centrum van Steenwijk gezien vanaf de Sint- Clemenstoren
(Details) (Details)
Situering
Provincie Overijssel Gemeente Steenwijkerland Coördinaten 52° 47′ NB, 6° 8′ OL (ht tps://geohack.toolforg e.org/geohack.php?lan guage=nl¶ms=52_ 047_020_N_6_07_036_
E_type:city_scale:2500 0_region:NL&pagenam e=Steenwijk)
ook nog eens met een pestepidemie te maken. Van de 2.500 inwoners stierven er in korte tijd 2.300.
Al in november 1582 wisten de Spanjaarden onder
leiding van Juan Baptista de Taxis Steenwijk opnieuw
in bezit te nemen, waardoor de overgebleven protestanten halsoverkop de stad ontvluchtten.
Steenwijk werd een Spaans bolwerk, met nog slechts 50 van de oorspronkelijke bewoners, en vormde een constante bedreiging voor de Opstandelingen. Alleen Zeeland, Holland, Utrecht en Friesland waren niet in Spaanse handen. De dreiging van een herovering door stadhouder Maurits van Oranje in 1591 zorgde voor een hernieuwde opbouw van de verdedigingswerken van de stad. In korte tijd wisten de Spanjaarden belangrijke verbeteringen aan te brengen en werd de legermacht uitgebreid tot ruim 1.000 man (vnl. Walen en Bourgondiërs) onder leiding van Anthonie de
Coquel.
Kaart van het beleg van Steenwijk in 1592
Het Kleirondeel
Toch was het allemaal niet voldoende. Op 28 mei 1592 verschenen prins Maurits en Willem Lodewijk voor de stad met een leger van 8.000 man en sloot alle toegangswegen hermetisch af, waarna Steenwijk opnieuw een beleg moest ondergaan. Op 5 juli 1592 na een heftige strijd die 44 dagen duurde gaven de Spanjaarden zich over. Ook nu had Johan van den Kornput belangrijk bijgedragen aan de verovering van Steenwijk door het Staatse leger van Maurits en zijn neef Willem Lodewijk. Al deze oorlogen en bezettingen hadden echter wel hun tol gevergd; Steenwijk
Algemeen
Oppervlakte 11,5[1] km²
- land 10,64[1] km²
- water 0,86[1] km²
Inwoners
(2023-01-01)
17.495[1]
(1.521 inw./km²) Woningvoorraad 8.592 woningen[1]
Overig
Netnummer 0521 Woonplaatscode 2713
Foto's
Vestingwerken
Portaal Nederland
was praktisch volledig in puin geschoten en de verdedigingswerken waren aan een forse opknapbeurt toe. Het duurde echter tot 1597, na een mislukte aanval van de Spaansgezinde graaf Frederik van den Bergh, voordat de Raad van State de middelen beschikbaar stelde voor wederopbouw van de verdedigingswerken.
Steenwijk ligt in de kop van Overijssel op de grens van enkele stuwwallen (de Woldberg en de
Havelterberg) en het laagveengebied van Giethoorn, De Wieden en De Weerribben. Door
Steenwijk stroomt van oorsprong een kleine rivier, de Steenwijker Aa, die ontstaan is door smeltwater. Later is deze Steenwijker Aa gekanaliseerd en heet dan vanaf Steenwijk het Steenwijker Diep en deze maakte de stad bereikbaar voor scheepvaart. Aan het Steenwijker Diep ligt een kleine jachthaven. Het stadsbeeld wordt bepaald door de Sint Clemenstoren, met zijn hoogte van 87 meter de veertiende hoogste kerktoren van Nederland.
De naam houdt verband met de vele zwerfstenen die in de omgeving in de grond zitten.
De stad heeft een regionale functie (winkels, scholen, werkgelegenheid) voor een grote regio (Kop van Overijssel, Zuidwest-Drenthe).
Steenwijk vierde in 2005 dat het 750 jaar eerder stadsrechten kreeg.